Het transport van de Zweedse steen naar Arnhem verliep bijna vanzelf, alsof alles in beweging kwam zodra duidelijk werd dat deze steen een bijzondere bestemming had. Nadat de steen in een bos in Småland was geselecteerd, ging Jelle in gesprek met de eigenaren van het betreffende stuk bos. Zij waren direct bereid de steen beschikbaar te stellen, waardoor het project zonder vertraging kon doorgaan.
Een lokaal bedrijf, Ess-Enn in Orsjo, haalde de steen uit het bos en zorgde voor tijdelijke opslag op hun terrein. Dat er regelmatig Nederlandse vrachtwagens bij dat bedrijf kwamen, voelde als een klein teken van geluk. Er ontstond al snel een praktische route richting Nederland. De echte doorbraak kwam toen NVO Nederland, een internationaal transportbedrijf dat actief is tussen de Benelux en Scandinavië, hoorde van het plan. Zij boden spontaan aan het vervoer van de steen naar Arnhem volledig voor hun rekening te nemeWe
Toen NVO Nederland hoorde van ons plan, reageerden ze zonder aarzeling. We hoefden we nauwelijks iets uit te leggen. Ze waren direct bereid het transport op zich te nemen. Die bereidheid raakte ons. Het was alsof iedereen die met de steen in aanraking kwam, voelde dat dit project meer was dan logistiek. Het was een gebaar van verbondenheid.
Het transport zelf verliep zonder enige hindernis. Geen papierwerk, geen grensformaliteiten, de steen mocht gewoon verhuizen. En zo ging hij op weg, van het Zweedse bos naar Arnhem, gedragen door de inzet van mensen die we tot dan toe niet eens kenden.
In september 2002 was het moment daar. De Zweedse steen, 2800 gram zwaar, werd als eerste buitenlandse steen geplaatst op terrein Delhuyzen. Toen we hem neerzetten, voelden we een mengeling van trots, ontroering, dankbaarheid. Het was alsof we een stukje van die stille plek in het bos in Zweden, een nieuwe thuis gaven.
Het plaatsen van die eerste steen was niet zomaar een handeling. Het voelde als het begin van iets groters. Een verbinding tussen landen, tussen mensen, tussen herinnering en toekomst.

